zondag 22 maart 2026

Echoes uit de baarmoeder

 

KPs3I-Opgroeien en Opvoeden

Echoes uit de baarmoeder.

Een ongeboren kind zwemt negen maanden lang in een bad van gevoelens en emoties van de moeder. Wat de moeder in spe meemaakt, beleeft haar ongeboren kind mee. Soms is er sprake van vermenging en neemt het kind emoties van de moeder over, andere keren reageert het kind met heftige emoties van zichzelf op deze van de moeder. Hoe dan ook hebben haar emoties een zeer groot effect op de vorming van de ik-persoonlijkheid van het ongeboren kind.

Een bekend voorbeeld hiervan is het effect van een hoog stressniveau bij de aanstaande moeder. In fysiek opzicht bevindt het ongeboren kind zich in dit geval in bad met stresshormonen, in emotioneel opzicht wordt het doordrenkt met de specifieke emoties die met de oorzaak van de stress samenhangen. Wat deze ook zijn, het effect op de persoonlijkheidsontwikkeling (en de hersenen!) is dat er een aanleg tot ADHD1 ontstaat, die in mindere of meerdere mate tot uitdrukking kan komen na de geboorte en bij de verdere ontwikkeling van het kind.

Vaak hebben de emoties van de moeder een zeer specifieke invloed op haar kind. Deze komen na de geboorte tot uitdrukking.. Enkele voorbeelden:

  • Een kind dat vanaf haar eerste levensjaren alle leden van haar gezin in de gaten hield opdat niemand plots zou weggaan of uit haar gezichtsveld verdwijnen, had dit overgehouden aan een knallende ruzie tussen haar ouders tijdens de derde maand van de zwangerschap. Haar moeder was toen met veel misbaar het huis uitgelopen en was te voet op weg gegaan naar haar ouderlijk huis, nadat ze keihard ‘Ik ga weg!’had geroepen. Dit gaf haar ongeboren kind een gevoel van extreme onveiligheid, wat zich na de geboorte vertaalde in het angstig in de gaten houden of er niemand plots zou weggaan. De emoties dat het kind hierbij ervoer (angst en controledrang) waren een tegenreactie op die van haar moeder.

  • De zoon van een alleenstaande moeder kon zich zeer eenzaam en verlaten voelen, ondanks de hechte band met zijn moeder. De bron van deze emotionele lading had te maken met het moment waarop zijn moeder te horen had gekregen van de vader van het kind dat ze er volkomen alleen voor zou staan. Dat gebeurde ongeveer halfweg de zwangerschap. Ze voelde zich in de steek gelaten. Dit gevoel werd door haar ongeboren kind overgenomen en nestelde zich in zijn persoonlijkheid.

  • De eenzaamheid van een andere jongen kwam uit een heel andere bron. Aanvankelijk was zijn moeder zwanger geweest van een twee-eiige tweeling. Halfweg de zwangerschap had ze een selectieve miskraam, waarbij het afgestorven vruchtje van haar ene kind werd afgevoerd en de zwangerschap van haar andere kind verder ging. Dat laatste had ze echter pas enkele weken later door. In tussentijd ervoer ze een pijnlijk gemis. Datzelfde gemis werd door het achtergebleven kind ervaren en overviel hem tot lang na zijn geboorte nog vaak.

Dit zijn voorbeelden van traumatiserende situaties tijdens het prilste stadium van de persoonlijkheidsontwikkeling. Deze kunnen in zekere mate aangepakt worden met behulp van therapeutische methodes zoals een innerlijke dialoog met het ongeboren kind in zichzelf, of met visualisatietechnieken. Het trauma uit het laatste voorbeeld staat bekend als het vanishing twin syndrome.2

De invloed van de emotionele ingesteldheid van de moeder op haar ongeboren kind is uiteraard niet altijd traumatiserend. Een voorbeeld:

Een vrouw die overigens geen ideale band had met haar erg principiële en dominante moeder, had in de baarmoeder intens meebeleefd met hoe gelukkig haar moeder was tijdens het eerste jaar van haar huwelijk en ook met de extase die ze beleefde tijdens de vrijpartijen met haar man, die tot het einde van haar zwangerschap regelmatig plaats vonden. Wat ze hieraan overhield was een erg spontane en natuurlijke openheid naar sensualiteit en een probleemloze seksualiteit.


De meeste van dergelijke invloeden vertalen zich in gelijkenissen op emotioneel vlak tussen moeder en kind, die voor het overgrote deel als positief of neutraal ervaren worden.

Daarnaast zijn er de boodschappen die een aanstaande moeder aan het kind in haar buik doorgeeft. Deze gebeuren veel bewuster, al zijn veel vrouwen zich niet bewust van de impact ervan op hoe hun kind later op emotioneel vlak zal evolueren. Het duidelijkst komt dit tot uitdrukking in negatieve boodschappen, al werken de positieve boodschappen even sterk door. Naar deze laatste wordt echter zelden gezocht omdat ze geen traumasporen nalaten. Veel zwangere vrouwen worden bv overvallen door het besef dat ze niet klaar zijn voor een kind (of voor nog een kind) en dat ze hun zwangerschap bijgevolg liever zouden afbreken. Dat doen ze echter niet als gevolg van een sociale druk om blij of dankbaar te zijn voor hun zwangerschap, waardoor ze niet durven uit te komen voor hoe ze zich echt voelen. Het kan ook een tijdelijk gevoel zijn dat na verloop van tijd wegebt. Hoe dan ook krijgt het ongeboren kind via de emoties van de moeder de boodschap dat het niet gewenst is. In reactie hierop kunnen verschillende copingstrategieën ontwikkeld worden. Enkele voorbeelden:

  • Een vrouw die dit meemaakte had als reflex zich klein te maken en zich zo onopvallend en ‘braaf’ te gedragen als maar mogelijk was. Dit gebeurde al in de baarmoeder en had als effect dat de zwangerschap als het ware geruisloos verliep. Op die manier probeerde ze om de afweer van haar moeder niet verder te voeden en hoopte ze op den duur emotioneel geaccepteerd te worden.

  • Een man had al vanaf zijn geboorte de tegenovergestelde reactie: hij eiste luidkeels zoveel mogelijk aandacht van zijn moeder op en bleef dit zijn hele jeugd op allerlei manieren doen.

  • Een andere man had, vanaf het ogenblik dat hij had leren praten, de copingstrategie ontwikkeld om voortdurend een woordenvloed te produceren, in de hoop daarmee de aandacht van zijn moeder vast te houden. Telkens hij iets van afstand van haar voelde, begon hij vanalles te vertellen. Op den duur praatte hij non stop. Soms maakte hij haar daarmee aan het lachen, vaker nog werkte hij haar ermee op de zenuwen.

Deze strategieën werken in die zin dat de kinderen in leven blijven en hun plaats krijgen. Maar wat in geen van alle gevallen gebeurt, is dat de moeder haar kind spontaan accepteert zoals het is en bevestigt in zijn eigenheid. In het eerste geval komt die eigenheid simpelweg niet aan bod en wordt het kind in het beste geval geaccepteerd op basis van de ontkenning van haar eigen emotionele behoeften. In het tweede geval is er een voortdurende machtsstrijd aan de gang waarbij het kind weliswaar aandacht afdwingt maar nog altijd geen spontane erkenning krijgt dat het welkom is. De strategie uit het derde voorbeeld werkte wel, maar leidde tot iets wat we ‘compulsieve praatdrang’ kunnen noemen. Ook dit zijn trauma’s waaraan met therapeutische technieken gewerkt kan worden.

Wat de voorbije decennia minder voorkomt, maar in het verleden zeer vaak, is dat de moeder in spe hoopt en bidt dat ze een kind van het ‘juiste’ geslacht mag baren. Voordat het gebruik van echografie om de groei van het ongeboren kind te monitoren een vaste routine werd, wist niemand op voorhand het geslacht. Dat was een van de grote verrassingen die met de geboorte samenhingen. Voor vrouwen die hoopten op een kind van een bepaald geslacht was hun ganse zwangerschap vaak erg stresserend. Velen stonden onder druk om een zoon op de wereld te zetten omwille van erfenis- en andere patriarchale kwesties. Slechts zelden ging het om het verlangen naar een dochter. Op het ongeboren kind kon de combinatie van angstige stress, hoop en verlangen een grote impact hebben. Een voorbeeld:

Het jongste kind van een groot gezin was opnieuw een meisje. Nochtans had haar moeder de hele zwangerschap lang gehoopt op eindelijk eens een zoon, zodat ze aan die ene grote onvervulde behoefte van haar man tegemoet zou kunnen komen. Ze had kaarsen gebrand en gebeden, een mis laten lezen en ze was op bedevaart naar Lourdes gegaan. Het had niet gebaat.

Op haar jongste dochter had dit het effect dat zij zich nooit goed genoeg voelde. Net zoals haar moeder, voelde ze zich gefaald in het leven. Ondanks dat ze als klein meisje graag met poppen speelde en in typische meisjesdingen geïnteresseerd was, hield ze er niet van om er zelf meisjesachtig uit te zien. Tijdens haar tienertijd twijfelde ze voortdurend aan haar gender. Ze voelde zich afwisselend vrouwelijk en mannelijk, maar vooral verward. Soms viel ze op vrouwen, maar uiteindelijk koos ze toch voor een man om haar leven mee te delen. Deze verwarring ebde maar geleidelijk en gedeeltelijk weg naarmate haar volwassen leven vorderde. De voortdurend herhaalde emotionele boodschap dat ze een jongen moest zijn en die ze in de baarmoeder had ontvangen, was hier de oorzaak van.

Ook de trauma’s die de moeder vanuit haar eigen jeugd meesleept, kunnen via emotionele overdracht in de baarmoeder een grote invloed hebben.

Een voorbeeld hiervan was een vrouw die drie dochters op de wereld zette. Uit angst voor de herhaling van het seksueel misbruik waar ze in haar jeugd getuige van was geweest, wilde ze niet dat haar dochters met hun vrouwelijkheid te koop zouden lopen. Hierin ging ze zover dat ze hen opvoedde als jongens en hen stimuleerde zich als jongens te gedragen. Meisjesachtig gedrag werd genegeerd of weggelachen. Dit sloot aan op hoe ze zichzelf opstelde in de wereld. De ingesteldheid om haar eigen vrouwelijkheid te verbergen onder een uiterlijke laag van mannelijk gedrag, met inbegrip van het verbergen van kwetsbare emoties3, beïnvloedde hoe de persoonlijkheid van haar dochters zich reeds ontwikkelden in de baarmoeder. Bij haar oudste dochter manifesteerde er zich al vanaf haar peutertijd een dominante, mannelijke persoonlijkheid. De tweede dochter negeerde haar vrouwelijkheid en gedroeg zich gelijkaardig als haar oudere zus, maar ontwikkelde wel een onbewuste lichaamstaal waarmee ze ongewild aandacht trok van mannen. De derde dochter voelde zich zeer vrouwelijk maar schaamde zich om dit te tonen. Ze voelde zich absoluut niet gezien om wie ze was.


Het heeft overigens weinig zin indien een aanstaande moeder met bewust uitgesproken woorden de boodschap geeft aan haar ongeboren kind dat het welkom is, als haar emoties iets anders zeggen. Het zijn de emotionele boodschappen die door het kind ‘gehoord’ worden. Indien de woorden niet met het juiste gevoel gepaard gaan, wordt dit door het kind geregistreerd en ontstaat er mogelijk nog een bijkomende verwarring wegens de tegenstrijdige boodschappen die het via twee verschillende kanalen krijgt.

Zwangere vrouwen die daarentegen naar het opgroeiende kind in hun baarmoeder vertrouwen en bescherming uitstralen, helpen hun kind om zelfvertrouwen en een besef van emotionele veiligheid op te bouwen, nog voordat het geboren is. Vaak resulteert dat overigens in rustige baby’s die al snel een betrouwbaar slaapritme ontwikkelen, al is dit niet altijd het geval. Er zijn immers nog tal van andere invloeden die hierin een rol spelen.

Voetnoten:

1 Attention Deficit Hyperactivity Disoorder. In de praktijk komt dit erop neer dat men maar kort met zijn aandacht bij een zelfde onderwerp kan blijven, neigt tot impulsief handelen en moeilijk tot rust kan komen en zich ontspannen. Deze manier van functioneren is een aanpassing aan onveilige en onvoorspelbare situaties, die veel ruimte biedt aan het overlevingsinstinct.

2 Alhoewel dit fenomeen af en toe voorkomt, heeft niet elk kind dat dit heeft meegemaakt in de baarmoeder er last van. Omgekeerd zijn er veel mensen die bij wijze van verklaring voor hun existentiële eenzaamheid claimen dat ze van een tweelingbroertje of –zusje afscheid hebben moeten nemen in de baarmoeder, terwijl er heel andere oorzaken opspelen in hun geval.

3 Dit sloot aan bij het overheersende rollenpatroon waarin mannen en vrouwen van haar generatie gevangen zaten. Dit is geen natuurlijk verschil tussen mannen en vrouwen, maar een van de vele verschillen tussen man en vrouw die louter cultureel bepaald worden.

*******************************************************************************

Deze tekst vormt de inleiding tot mijn volgende boek, getiteld Opgroeien en Opvoeden (De volledigie titel is Karmische Psychologie 3: Relaties, Seksualiteit & Opvoeding, boek I: Opgroeien en Opvoeden)  

De voorbije jaren publiceerde ik in de reeks Karmische Psychologie de volgende delen:

Onze Erfenis van Moeder Aarde (ISBN 978-90-77101-19-3) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek I

De Integratie van de Schaduw (ISBN 978-90-77101- 17 -9) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek II

Psychopathie en Narcisme (ISBN 978-90-77101-21-6) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek III

Een volledig overzicht van mijn boeken heb vind je op www.henkcoudenys.be 

en op 

https://www.facebook.com/karmischepsychologie/ 

Al mijn boeken kunnen rechtstreeks besteld worden via mijn website en in elke zichzelf respecterende boekhandel. Elk verkocht boek is een steuntje in de rug van dit schrijfproject, dat nog lang niet af is.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten