Verborgen verwaarlozing en verdoken mishandeling
Er bestaat geen scherpe grens tussen verwaarlozing en mishandeling van kinderen. Hoe je het noemt is deels afhankelijk van waar je de lat legt. Mijn persoonlijke opvatting is dat verwaarlozing een passieve vorm van agressie inhoudt en dus een passieve vorm van mishandeling is. Verwaarlozing leidt immers even goed tot fysieke en/of emotionele letsels als mishandeling. Het is eveneens afhankelijk van welke normen gehanteerd worden of we vinden dat iets ‘normaal’ is, dan wel als verwaarlozing beschouwd moet worden.
Er zijn uitgesproken vormen van mishandeling en van verwaarlozing (deze waar niemand aan twijfelt) en meer verdoken vormen. Enkele voorbeelden:
Een man die tijdens zijn jeugd systematisch fysiek mishandeld werd door zijn vader kreeg van hem elke keer opnieuw te horen ‘dat hij niet meer was dan een zak vol stront en darmen’. Dit is een voorbeeld van uitgesproken mishandeling, zowel op fysiek als emotioneel vlak door een man die ervan overtuigd was dat het kind dat hij opvoedde niet echt zijn zoon was maar bij zijn vrouw verwekt was door een ander. Het enige verdokene in dit geval was dat dit alles zich systematisch afspeelde buiten het zicht van de buitenwereld. De man had een onberispelijke reputatie als godsdienstleraar maar thuis mishandelde hij zijn enige zoon.
Een ander voorbeeld is dat van een man die zijn zeven kinderen op een rij liet staan telkens ze met hun schoolrapport thuis kwamen. Geen van hen was een briljante leerling. Hij was dan ook nooit tevreden met hun resultaten. Ze kregen elk om beurt een vuistslag in hun gezicht, met de nodige bloedneuzen tot gevolg. In tegenstelling tot het eerste voorbeeld was deze man ervan overtuigd dat hij zijn kinderen op een rechtvaardige manier opvoedde, namelijk volgens het principe ‘wie zijn kinderen lief heeft spare de roede niet’. Ook deze mishandeling speelde zich achter gesloten deuren af, al kregen zijn kinderen soms wel vragen over de bloeddruppels op hun rapporten. Volgens zijn eigen normen mishandelde deze vader zijn kinderen niet, volgens hedendaagse normen wel.
Een meisje van twaalf voelde zich telkens opnieuw erg ongemakkelijk wanneer het op school ging over tanden poetsen en lichaamshygiëne. Thuis werden er geen tanden gepoetst. Ze had niet eens een tandenborstel. Dit is een voorbeeld van hoe verwaarlozing even goed leidt tot letsels als mishandeling. Als adolescent kwam ze er immers achter dat haar gebit er zeer slecht aan toe was. In tegenstelling tot de twee vorige voorbeelden is hier geen sprake van onbetwistbare mishandeling, maar van verwaarlozing die fysieke problemen veroorzaakt, wat dus eveneens als een vorm van (passieve) mishandeling mag beschouwd worden.
Vaak gebeuren mishandeling en verwaarlozing op een subtiele manier waardoor het niet alleen verborgen blijft voor de buitenwereld, maar waardoor ook de slachtoffers er zich niet duidelijk van bewust zijn, zoals in het laatste voorbeeld. Het gevolg hiervan is dat kinderen die hier het slachtoffer van worden het vaak niet door hebben dat er iets mis is met hoe hun ouders hen behandelen.
Ze denken dat het aan henzelf ligt, dat er iets mis is met hen waardoor ze steeds op een subtiele manier bestraft worden, telkens weer afkeurende reacties krijgen of genegeerd worden. Een standaardreactie hierop is dat ze er alles aandoen om zich in de gunst van de mishandelende ouder te werken. Hun hele streven is hierop gericht, waardoor ze niet enkel de dwingende gewoonte ontwikkelen om een ander te pleasen maar waardoor ze tevens totaal vervreemden van hun eigen emotionele behoeften. Ze doen immers systematisch datgene dat ze veronderstellen dat van hen verwacht wordt en maken op den duur geen enkele keuze meer in functie van hun eigen behoeften. In reactie hierop groeit er in hun schaduw evenwel een uitgesproken egocentrische tegenpool die enkel gefocust is op wat ze zelf nodig hebben. Dit innerlijke schaduwkind manifesteert zich steeds vaker als een manipulator die al pleasend probeer zijn zin te krijgen.
Verborgen verwaarlozing en (emotionele) mishandeling gaan gepaard met een grote emotionele verwarring. Kinderen die hiervan het slachtoffer zijn, weten niet meer of ze nu graag gezien worden of niet en twijfelen evenzeer aan de waarde van hun eigen emoties. Eens volwassen gaan velen onder hen ervan uit dat hun jeugd best wel oké was, totdat ze dieper gaan zoeken naar de oorzaken van de emotionele verwarring die hen nog steeds parten speelt en naar de oorzaken van het negatieve zelfbeeld dat ze met zich meedragen.
Subtiele mishandeling en/of verwaarlozing kan allerlei vormen aannemen. Pas als men als volwassene erop terugkijkt en de vergelijking kan maken met kinderen die liefdevol en veilig opgroeien, kan het beseft dagen dat de eigen jeugd eigenlijk helemaal niet zo oké was. Enkele voorbeelden:
Een jongetje dat alleen met zijn moeder opgroeide, kreeg zo goed als nooit grenzen van haar. Ze had er de energie niet voor. Hij groeide op tot een egoïstisch persoon die enkel zijn zin deed, die zijn moeder – bij wie hij nog lang bleef inwonen – nooit enige hulp bood en nooit enige dankbaarheid liet blijken voor alles wat ze nog steeds voor hem deed. Geen grenzen geven is een vorm van verwaarlozing die ernstige consequenties heeft.
De kinderen van een groot gezin waarvan de moeder een winkel open hield, kregen als baby van haar de papfles in een handdoek opgerold met de speen in hun mond terwijl ze op hun eentje in hun wieg lagen. Ze nam hen nooit op om hen te voeden. Via lichaamstaal ontvingen deze kinderen nooit de boodschap dat ze welkom waren. Integendeel leidde dit bij elk van hen tot diepliggende gevoelens van onzekerheid en een onbevredigde behoefte aan koestering die hen later erg kwetsbaar maakten in de intieme relaties die ze als volwassenen aangingen.
Een meisje van veertien had slechts één jeansbroek die ze telkens er een gat of een scheur in kwam, herstelde met opzichtig gekleurde lapjes. Het kwam niet bij haar moeder op om haar een nieuwe broek te kopen. Wel liep ze te pronken met de dure ring die ze van haar nieuwe partner had gekregen.
Een ander meisje van veertien kwam er tijdens de turnles achter dat al haar klasgenotes een beha droegen en zei als enige niet. Dit gebeurde toen haar T-shirt omlaag viel tijdens het oefenen op handstand. Haar moeder besteedde geen aandacht aan de puberteit van haar dochter en aan de transformatie van haar kinderlichaam in dat van een volwassen vrouw. Dit uitte zich onder meer in geen aangepast ondergoed kopen, maar evenmin kreeg haar dochter enige uitleg over hoe ze met haar veranderende lichaam moest leren omgaan op het vlak van hygiëne.
Een kind dat veel last had van eczeem moest dagelijks door haar moeder ingesmeerd worden met een aangepaste huidcrème. Dit deed haar moeder op zeer ruwe wijze, onder het voortdurend slaken van geïrriteerde zuchten. Hiermee gaf ze de boodschap aan haar kind dat deze zelf de oorzaak was van het probleem en zich hier schuldig moest over voelen.
Heel wat kinderen maken mee dat hun medische problemen niet ernstig genomen worden.
Een voorbeeld hiervan was een tienermeisje dat uitgeput was door klierkoorts en die moest helpen met stenen sjouwen omdat haar vader het huis aan het verbouwen was. Een ander voorbeeld was dat van een jongetje die tijdens zijn lagere-schooltijd veel pijn in zijn knieën en enkels had maar te horen kreeg dat hij zich niet zo moest aanstellen. Nog een voorbeeld: voor een meisje van vijftien die vaak moest gaan liggen omdat ze de neiging had om flauw te vallen, werd na lang aandringen een doktersvisite geboekt, maar haar vader die vond dat ze enkel maar last had van hypochondrie en ingebeelde angsten overtuigde de huisarts ervan dat er fysiek niets aan de hand was. De dokter ging hierin mee en ging een langdurig therapeutisch gesprek aan met het kind zonder haar verder te onderzoeken. Een week later maakte haar moeder een afspraak bij een andere arts die haar wel onderzocht. Ze bleek een alarmerend lage bloeddruk te hebben die gepaard ging met extreme pieken en dalen van haar bloedsuikerspiegel.
Een veelvoorkomende vorm van verwaarlozing bestaat uit nooit geknuffeld of opgepakt worden. Dit is het lot van kinderen die eigenlijk niet gewenst zijn door moeders die hier naar de buitenwereld toe niet voor uitkomen. Meestal gaat het om vrouwen die toegeven aan een sociale druk om zwanger te worden, terwijl ze daar emotioneel helemaal niet klaar voor zijn. Vaak ook gaat het om vrouwen die heel andere ambities hadden dan moeder worden, maar hier door hun omgeving niet in gesteund werden maar in tegendeel werden ze in de richting van het moederschap geduwd. Alhoewel ze hun kinderen de noodzakelijke fysieke en materiële verzorging geven en tegenover de buitenwereld doen alsof ze tevreden zijn met hun rol, bekennen ze met hun lichaamstaal tegenover hun kinderen dat dit niet zo is. Emotionele verwarring, pleasinggedrag en een laag zelfbeeld zijn hier veelvoorkomende gevolgen van voor hun opgroeiende kinderen.
De moeder van een groot gezin liet haar kinderen tijdens sociale gelegenheden strak in het gareel lopen door hen onzichtbaar voor de buitenwereld venijnig in de arm te nijpen telkens een van hen niet rustig naast haar bleef lopen. Hierdoor durfden ze zich op den duur helemaal niet meer als spontane kinderen te gedragen.
Het kost therapeuten vaak heel wat moeite om te achterhalen wat er in de kindertijd van hun cliënten is misgegaan omdat heel wat vormen van mishandeling en verwaarlozing over het algemeen volledig onder de radar blijven en vaak niet als dusdanig (h)erkend worden. Tijdens hun kindertijd beseffen de slachtoffers hiervan niet dat er iets fundamenteel fout gaat. Als volwassenen kunnen ze bijgevolg geen logische plaats geven aan hun onzekerheden, hun emotionele verwarring en hun geschonden zelfbeeld.
Kinderen het recht ontzeggen op de emoties die bij een rouwproces horen, mag wat mij betreft ook als mishandeling beschouwd worden. Kinderen niet troosten en het recht ontnemen om te huilen indien ze met een ernstig trauma geconfronteerd worden, laat immers diepe sporen na. Een voorbeeld:
Het jongste kind van een groot gezin stierf als gevolg van een onbekende oorzaak toen het pas een maand oud was. Deze wiegedood betekende een enorme schok voor de oudere kinderen, die toen respectievelijk vier, vijf en zes waren. Hun moeder was in shock en kon zelf niet huilen omdat ze als kind was gebrainwasht op dat vlak. Van hun vader kregen de kinderen de opdracht om flink te zijn, veel te bidden en zelf evenmin te huilen. Doordat ze niet mochten huilen en ook niet getroost werden in hun verdriet, kon geen van hen dit trauma verwerken. De oudste dochter hield er een angst aan over waardoor ze zich nooit goed met kleine kinderen kon verbinden. Ze bevroor immers van zodra ze dit probeerde. De andere twee konden als volwassenen nooit hun verdriet de vrije loop wanneer ze met een overlijden geconfronteerd werden.
Indien kinderen geforceerd worden om zich te vroeg als volwassenen te gedragen, of indien het omgekeerde gebeurt namelijk dat ze kunstmatig klein gehouden worden, kunnen ze niet op hun eigen natuurlijke tempo naar volwassenheid toe groeien.
Een voorbeeld van het eerste speelde zich af in het gezin waarin ik zelf opgegroeid ben. Enkele weken na mijn geboorte kwam ons moeder in een zware depressie terecht die gepaard ging met fysieke uitputting. Het verhaal gaat dat de huisarts haar op een gegeven ogenblik had opgegeven en mijn vader en mijn oudere zussen kregen te horen dat ze zich moesten voorbereiden op haar mogelijke overlijden. Een van mijn oudere zussen kreeg als taak mij te verzorgen en dat deed ze met zeer veel toewijding. Ik ben er haar nog steeds dankbaar voor. Dank zij haar kon ik opgroeien met een veilige hechting. Alleen: op het ogenblik dat ze die taak kreeg moest ze zelf nog tien jaar worden. Moeder genas langzaam maar zeker, maar de zorg voor mij bleef grotendeels op de schouders van die ene zus terecht komen. Toen ze zestien jaar na mijn geboorte zelf beviel van een zoon, werd het me pas duidelijk hoe belastend de zorg voor mij voor haar moest geweest zijn: vanaf haar prepuberteit en haar hele tienertijd door moest ze altijd voor mij klaar staan en zeulde ze me overal mee naar toe. Feitelijk werd haar daardoor een groot deel van haar jeugd ontnomen. Ze had dan ook moeite om zich met haar eigen zoon te verbinden, hoe hard ze daar ook haar best voor deed. Het trauma van haar veel te zwaar belaste jeugd speelde haar parten waardoor ze niet altijd het nodige geduld voor haar eigen kind kon opbrengen en ze in reactie daarop ook nog eens door schuldgevoelens werd verteerd.
Van bewuste verwaarlozing was in dit voorbeeld geen sprake, maar wel was er geen aandacht voor hoe belastend het is voor een kind om zich jarenlang weg te moeten cijferen in functie van een ander. Dit overkomt ook heel wat kinderen van wie een of beide ouders fysiek en/of emotioneel hulpbehoevend zijn. Al snel belanden ze in een zorgende rol ten opzichte van hun ouder(s) waardoor er geen aandacht meer is voor de emotionele zorg die ze zelf nodig hebben.
Een voorbeeld van het omgekeerde:
Een meisje van elf werd elke avond om half zeven naar bed gestuurd alsof ze nog een kleuter was. Aan de leeftijd van zestien moest ze om half negen naar haar kamer en mocht zich daar nog wat bezig houden tot ze ging slapen, ook tijdens het zomerverlof. Maar o wee indien ze zich na half negen nog durfde in de living of de keuken te vertonen, dan kreeg ze een flinke bolwassing.
Opgroeiende tieners en adolescenten onnatuurlijk lang als onmondige wezens behandelen, is voor de kinderen in kwestie uitermate vernederend en frustrerend. Het leidt tot het ontstaan van innerlijke schaduwdeelpersoonlijkheden die een sterke autonomie kunnen hebben ten opzichte van de reguliere ik-persoonlijkheid. In het voorbeeld hierboven ging het om een extreem onzekere schaduwkant die haar met absurde angsten en smetvrees opzadelde die het gevolg waren van de angst om iets fout te doen en de gezinstaboes onbewust of onbedoeld te doorbreken. Maar even goed kan het gaan om een schaduwkant die de behoefte voelt om over elk aspect van leven controle te hebben, over alles zelf wil beslissen en hierbij geen overleg met anderen kan toelaten.
*******************************************************************************
Deze tekst is een hoofdstukje uit Karmische Psychologie 3: Relaties, Seksualiteit & Opvoeding, boek I: Opgroeien en Opvoeden (verschijnt begin 2017)
Recent werden van Karmische Psychologie de volgende delen gepubliceerd:
Onze Erfenis van Moeder Aarde (ISBN 978-90-77101-19-3) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek I
De Integratie van de Schaduw (ISBN 978-90-77101- 17 -9) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek II
Psychopathie en Narcisme (ISBN 978-90-77101-21-6) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek III
Vroeger reeds verschenen:
Karmische Psychologie Deel 1: In dialoog met het onbewuste (ISBN 978-90-77101-11-7)
Karmische Psychologie Deel 2: Individuatie en Healing (ISBN 978-90-77101-02-5)
Een volledig overzicht van mijn boeken heb vind je op www.henkcoudenys.be
Al mijn boeken kunnen rechtstreeks besteld worden via mijn website en in elke zichzelf respecterende boekhandel. Elk verkocht boek is een steuntje in de rug van dit schrijfproject, dat nog lang niet af is.