donderdag 18 juni 2026

Het verschil tussen beschermen en afschermen


Het verschil tussen beschermen en afschermen


Een belangrijk aspect van het opvoeden van een kind is ervoor zorgen dat het zichzelf leert beschermen tegenover gevaarlijke situaties. Maar voor het zover is, is afscherming voor gevaar het belangrijkst. Dit geldt tot zolang het kind niet in staat is gevaar op eigen houtje te herkennen en er rekening mee te houden. Hoe lang die fase duurt, is afhankelijk van kind tot kind, van cultuur tot cultuur en van situatie tot situatie. Er zijn immers veel soorten gevaar, waarvan sommige soorten over het algemeen reeds op jongere leeftijd herkenbaar zijn dan andere. Een voorbeeld:

Sommige kinderen zijn reeds rond de leeftijd van zeven jaar in staat om een drukke straat veilig over te steken, anderen pas op de leeftijd van twaalf of ouder. De gevaren van alcoholgebruik kunnen inschatten daarentegen is over het algemeen pas mogelijk vanaf de late tienertijd en dat zijn dan nog kinderen die er vroeg bij zijn.

Op een dag moet elk opgroeiend kind als volwassene in het leven kunnen staan en daar hoort onder anderen bij dat het gevaren moet kunnen herkennen, de impact ervan moet kunnen in schatten en zichzelf ertegen moet kunnen beschermen. Efficiƫnte zelfbescherming dient dus het einddoel te zijn van dit aspect van de opvoeding, maar net zoals het geval is met seksuele opvoeding, schiet de gemiddelde opvoeding hierin maar al te vaak te kort. Te veel ouders blijven te lang inzetten op louter afscherming, waarbij afschrikking ook al veel te vaak wordt ingezet. Angstreflexen kweken bij kinderen kan zinvol zijn, maar leidt in de meeste gevallen niet tot zinvolle reacties. Een voorbeeld:

Een kind van tien had een panische angst aangepraat gekregen voor scherpe messen. Ze deinsde letterlijk terug toen ze een kind van enkele jaren ouder met een groot scherp mes een stuk cake zag afsnijden. Deze laatste had echter geleerd hoe ze veilig met een mes moest omgaan en was daardoor veel veiliger in de omgang met scherpe messen dan het panikerende kind.

Tijdens de puberteit verliest afscherming in de meeste gevallen zijn nut. Tieners zoeken nu eenmaal hun grenzen op en rebelleren instinctief tegen grenzen die hen opgelegd worden zonder dat hen een genuanceerd oordeel over het gevaar in kwestie wordt aangereikt. Bijgevolg gaat het in die gevallen het vaakst mis waarin louter op afscherming werd ingezet en niet op ervaringsgerichte methodes om zichzelf te leren beschermen. Dit komt het sterkst tot uitdrukking bij tienermeisjes die de verleiding voelen om hun eerste stappen te zetten in het uitgaansleven. Drie voorbeelden:

  • Een meisje van veertien werd tijdens haar eerste openbare fuif verdoofd en verkracht door een groep oudere jongens uit de buurt.

  • Een ander meisje van veertien werd na afloop van een openbare fuif verkracht door drie vrienden van haar liefje die ze onterecht had vertrouwd en bij wie ze aansluiting had gezocht om veilig thuis te geraken.

  • Een jongen van zestien kwam tijdens de nacht na een fuif niet thuis. Hij werd de volgende dag opgevist uit het kanaal, levenloos en met een hoge dosis alcohol in zijn bloed.

In al deze gevallen hadden de tieners in kwestie geen handleiding meegekregen die hen had moeten helpen om zichzelf te beschermen. Bij openbare fuiven, festivals of andere feestelijkheden waarbij men in contact komt met veel mensen die men niet of nauwelijks kent, moeten onder meer de volgende basisregels gerespecteerd worden:

  • Kom nooit alleen toe, ga nooit alleen weg en draag zorg voor elkaar door elkaar nooit langer dan enkele minuten uit het oog te verliezen. Maak met enkele betrouwbare vrienden hierover op voorhand afspraken en beloof elkaar deze na te komen.

  • Hou je drankjes in de gaten, hou elkaars drankjes in de gaten en accepteer niets te drinken van mensen die je niet kent en vertrouwt. Heeft iets een vreemde smaak, drink het dan onder geen enkele voorwaarde op.

  • Wordt iemand toch onwel, laat hem of haar dan onder geen enkele voorwaarde alleen en zorg ervoor dat hij of zij veilig thuis geraakt. Bel een volwassene om de zieke te komen halen.

  • Zorg dat je mobiele telefoon voldoende opgeladen is. Deel de telefoonnummers van je ouders of oudere broers of zussen die in noodsituaties te hulp zouden kunnen komen met je vriendengroep en deel de nummers van je vrienden met je ouders of andere potentiĆ«le redders in nood.


Bij de derde vuistregel gaat het meestal om ‘haar’ en zelden om’ hem’. Het zijn nu eenmaal vooral meisjes en jonge vrouwen die het slachtoffer worden van jongens of mannen die in het geniep, maar doelbewust verdovende middelen aan hun drankjes toevoegen met de bedoeling misbruik te kunnen maken van hun verdoofde slachtoffers.

Deze handleiding geldt overigens absoluut niet alleen voor tieners,
maar blijft een leven lang geldig.

Wat ging er nu mis in de drie voorbeelden die hierboven werden aangehaald? In het eerste geval was er geen veilige vriendengroep die voor wederzijdse bescherming zorgde. Ook was het slachtoffer zich niet bewust van de mogelijkheid verdoofd te worden door iets dat aan haar drankje was toegevoegd. In het tweede geval stelde het meisje onterecht vertrouwen in de vriendengroep van de jongen met wie ze een prille relatie had. Ze kende hen niet goed en koesterde geen gezond preventief wantrouwen. De jongen uit het derde voorbeeld werd door zijn vriendengroep in de steek gelaten. Ook was hij onvoldoende voorbereid op het effect van te veel alcohol op zijn beoordelingsvermogen.

In al deze gevallen was er geen sprake meer van afscherming, maar al evenmin van voldoende coaching tot zelfbescherming. Terwijl ik dit schrijf is het eerste slachtoffer ondertussen een vrouw van middelbare leeftijd die nog altijd de gevolgen van een dertig jaar oude verkrachting met zich meesleurt. Het tweede slachtoffer is eind de dertig en voor haar geldt hetzelfde. De voormalige vrienden van het derde slachtoffer zijn nu jonge dertigers die nog altijd met een bezwaard geweten rondlopen. Ook wie niet zelf het slachtoffer wordt van het gebrek aan zelfredzaamheid en sociale bescherming, wordt getraumatiseerd in dergelijke gevallen.

Andere feiten waar men zich bewust van moet zijn, is dat naarmate de avond vordert en er meer alcohol en andere drugs worden geconsumeerd, het gevaar op ontsporingen toeneemt. Zelfs zonder alcohol geraken de meeste mensen vanaf tien uur ’s avonds onderhevig aan een zekere mate van ontremming. Deze is het gevolg van vermoeidheid in combinatie met de onderdrukte behoeften en verlangens die bij de meeste mensen leven, maar die onder normale omstandigheden onder controle worden gehouden. Voeg daar nog alcohol en partydrugs aan toe en zowel het besef van grenzen als het respect voor grenzen kan grondig vervagen, met alle gevolgen van dien.

Het meegeven van de juiste handleidingen voor zelfbescherming in diverse soorten situaties zou een prioriteit moeten zijn in de opvoeding van alle kinderen - en dan vooral in de puberteitsfase - zowel voor ouders, opvoeders als voor scholen. Mogelijke situaties op voorhand doorpraten of simuleren en oefenen op adequate manieren van reageren zijn hierbij geen overbodige luxe. Een voorbeeld:

Een tienermeisje moet alleen haar weg zien te vinden van het station naar een openbaar park waar ze een studentenjob gaat uitoefenen. Ze vindt haar weg door de aanwijzingen van de gps op haar smartphone te volgen. Deze leidt haar door stille woonwijken en via relatief eenzame wandelpaden. Wat moet ze doen indien ze door een man te uitdrukkelijk wordt aangestaard en eventueel wordt gevolgd?

Wat de veiligheid in dit geval kan verhogen is een van haar ouders opbellen en een duidelijk hoorbaar gesprek voeren terwijl ze verder stapt. Een andere mogelijkheid is op haar stappen terugkeren en een andere route nemen die door meer voetgangers wordt gebruikt. In dat geval is het wel zinvol om op voorhand de mogelijke routes op te zoeken en te kennen! Aansluiting zoeken bij een groep mensen die dezelfde richting uitgaan kan eveneens het gevoel van veiligheid verhogen.

Het aanreiken van dergelijke inzichten en het op voorhand oefenen op het toepassen ervan, zorgt op lange termijn voor meer veiligheid dan louter afscherming. Het is in de realiteit immers niet mogelijk om een tiener altijd en overal te begeleiden en indien dit toch maximaal gedaan wordt, dan leidt dit niet tot de zelfredzaamheid die noodzakelijk is om op lange termijn zichzelf te beschermen. 

*******************************************************************************

Deze tekst is een hoofdstukje uit  Karmische Psychologie 3: Relaties, Seksualiteit & Opvoeding, boek I: Opgroeien en Opvoeden)  

De voorbije jaren publiceerde ik in de reeks Karmische Psychologie de volgende delen:

Onze Erfenis van Moeder Aarde (ISBN 978-90-77101-19-3) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek I

De Integratie van de Schaduw (ISBN 978-90-77101- 17 -9) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek II

Psychopathie en Narcisme (ISBN 978-90-77101-21-6) = Karmische Psychologie 4: Aarde en Schaduw, boek III

Een volledig overzicht van mijn boeken heb vind je op www.henkcoudenys.be 

Al mijn boeken kunnen rechtstreeks besteld worden via mijn website en in elke zichzelf respecterende boekhandel. Elk verkocht boek is een steuntje in de rug van dit schrijfproject, dat nog lang niet af is.

 

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten