donderdag 8 oktober 2026

Leven is gevaarlijk (Onze Erfenis van Moeder Aarde – aanvulling 5)

 

Leven is gevaarlijk

(Onze Erfenis van Moeder Aarde – aanvulling 5)


Leven op aarde is nooit zonder gevaar. Voor een mens is dit niet anders dan voor elk ander levend wezen. Daarom bezitten we ook zoiets als overlevingsinstinct. Dit instinct is in aanleg bij elk van ons aanwezig en bestaat in zijn primitiefste vorm uit enkele basisemoties en de bijbehorende reflexen: angst en agressie zetten ons aan tot vluchten, vechten of verlamd afwachten. Via culturele leerprocessen kan dit repertoire gevoelig uitgebreid worden met allerlei subtielere reactiepatronen. Zo kunnen we onder meer leren om afwachtend te reageren, blufpoker te spelen of een dreiging ogenschijnlijk te negeren terwijl we er toch alert voor blijven en we kunnen ook allerlei diplomatische reacties leren ontwikkelen ten opzichte van medemensen die een gevaar voor ons vormen. We hoeven hierbij overigens niet louter op ons rationeel verstand te rekenen en bewust te kiezen hoe we willen reageren. Alle bruikbare kennis die we in dit verband onbewust hebben opgeslagen kan met behulp van onze intuïtie aangeboord worden en met de snelheid die eigen is aan het overlevingsinstinct toegepast worden.

Maar ongeacht hoeveel levenservaring we opdoen en hoe efficiënt we daardoor in staat zijn om te reageren op bedreigingen, de emotie angst blijft een factor de telkens weer het bewustzijn beïnvloedt. Hoe meer we ons bewust zijn van alles wat kan misgaan in een mensenleven, hoe meer we overheerst kunnen worden door chronische angst. Hoe meer het bewustzijn door angst overheerst wordt, hoe meer het de levensvreugde kan aantasten en tenslotte ook de motivatie om te leven. Dit gebeurt niet bij iedereen en als het gebeurt is dit niet noodzakelijk het geval bij de mensen die het vaakst met gevaar worden geconfronteerd of met het ergste gevaar. Ook het bewustzijn van mensen die zich aan de veilige kant van de samenleving bevinden kan hierdoor aangetast worden.

Of dit wel of niet gebeurt is grotendeels afhankelijk van hoe vertrouwd men in Wezen is met de aarde en hoeveel liefde voor de aarde iemands Wezen (of Ziel) in de loop van zijn opeenvolgende reïncarnaties heeft ontwikkeld. Indien iemands Wezen zich niet goed verbonden voelt met de aarde, is er meer kans dat dit Wezen zich gemakkelijk van de aarde afkeert, uit angst, of om andere redenen zoals de opvatting dat het een vergissing is geweest om in een aards lichaam te incarneren en dat deze vergissing zo snel mogelijk ongedaan gemaakt moet worden.

Andere invloeden zijn van culturele aard. Wie bv opgegroeid is en leeft in een cultuur die elke reële, potentiële of vermeende dreiging uitvergroot, kan daar gemakkelijk het slachtoffer van worden en een existentiële angst voor het leven ontwikkelen.

Ten derde is er nog een psychologisch mechanisme dat een rol kan spelen, namelijk een copingmechanisme ten opzichte van een permanente dreiging waaraan men niet kan ontkomen. De reële bedreiging wordt geminimaliseerd omdat men er zich machteloos tegenover voelt en het angstgevoel waarmee deze bedreiging gepaard gaat wordt op iets anders geprojecteerd, in dit geval het geheel van alle mogelijke gevaren die een mensenleven op aarde kunnen of zouden kunnen bedreigen. Dit komt onder meer vaak voor bij kinderen die met onbetrouwbare ouders opgroeien waardoor ze zich permanent emotioneel onveilig voelen. Maar omdat het ondraaglijk is om zich hier voortdurend bewust van te zijn, verschuiven ze hun onveiligheidsgevoel naar al dan niet vermeende gevaren die van overal in de omgeving kunnen komen.

Aangepaste therapie kan helpen om de druk op het onveiligheidsgevoel gevoelig te verminderen. Elk van deze drie bronnen vraagt om andere therapeutische methodes. De Wezenlijke afwijzing van de aarde kan het best met reïncarnatie- en regressietherapie of healing-reading aangepakt worden, de andere twee met allerlei meer conventionele therapiemethodes.


Je kunt jezelf ook oefenen om een gezonde ingesteldheid ten opzichte van het leven op aarde te ontwikkelen. Wat mij persoonlijk helpt, is om te beginnen het besef dat leven als mens op aarde nooit zonder gevaar is geweest en dat het dat ook nooit zal zijn. Er zijn altijd ziektes geweest, mogelijke natuurrampen, de mogelijkheid om het slachtoffer te worden van banale ongevallen, hongersnood of menselijke geweld. In onze huidige tijd komt de dreiging vooral uit nieuwe hoeken zoals het verkeer, de vergiftiging van onze lucht en ons grondwater door pesticiden en ongezonde stoffen die door de chemische industrie zijn uitgestoten, door radioactieve straling en door de zeer uiteenlopende gevolgen van de klimaatopwarming. De bronnen van gevaar zijn verschoven, maar de hoeveelheid gevaar is niet toe- of afgenomen ten opzichte van vroegere tijden.

Sterven hoort bij het leven. Dankzij ons overlevingsinstinct streven we ernaar om lang genoeg in leven te blijven zodat we de kans krijgen ons op allerlei vlakken te ontwikkelen. Hierdoor wordt het leven de moeite waard. Maar als we onze levensvreugde laten verstikken door een deken van permanente angst, dan komen we niet meer toe aan die activiteiten die tot emotionele en spirituele bevrediging leiden. Ik streef er bijgevolg naar om een leven op te bouwen voor mezelf waar ik op allerlei vlakken zoveel mogelijk voldoening uithaal, zodat ik hier een bevredigende terugblik op zal kunnen hebben tijdens mijn stervensmoment. Om met een voldaan gevoel het leven te kunnen loslaten, is het nodig om elke dag opnieuw de moed op te brengen om me af te stemmen op datgene wat het leven de moeite waard maakt, ondanks dat ik op geen enkele manier blind wil zijn voor wat op aarde allemaal fout loopt en wat bijgevolg in mijn eigen leven fout kan lopen.

En verder vertrouw ik erop dat indien een van de vele mogelijke bedreigingen voor de kwaliteit en de duur van mijn leven werkelijkheid wordt, mijn intuïtie me hiervoor zal waarschuwen. In de praktijk gebeurt dit meestal via dromen die me duidelijk maken dat er iets aan de hand of op komst is waaraan ik aandacht moet besteden, of ik dat nu leuk vind of niet. Indien ik dergelijke droomboodschappen negeer, groeien ze nacht na nacht meer uit tot nachtmerries, zodat ik ze op den duur niet meer kan negeren. Gaat het om iets waaraan ik iets kan doen, dan onderneem ik actie, ook al zou ik mijn tijd en energie liever aan andere bezigheden besteden. Valt er niets aan te doen, dan probeer ik de consequenties hiervan te aanvaarden en me verder op de voldoening brengende dingen die nog mogelijk zijn af te stemmen. Is dat laatste niet meer mogelijk, dan accepteer ik dat het tijd wordt om afscheid te nemen van dit leven en me na mijn dood voor te bereiden op een volgend leven waarin ik verder kan gaan met datgene wat nog niet als afgewerkt aanvoelt.

Ik ben dankbaar voor de emotie angst. Die emotie helpt me om gevaar te onderkennen en motiveert me om bedreigingen uit de weg te gaan of om actie te ondernemen waarmee de bedreiging onschadelijk gemaakt kan worden. Ik ben echter nog veel dankbaarder voor de vertrouwdheid met de aarde en de liefde en verbondenheid met het Aardewezen die mijn Wezen doorheen de opeenvolgende levens heeft ontwikkeld. Hierdoor kan ik na elke tegenslag die me het leven zuur maakt, terugkeren naar het besef dat in mijn hart leeft, dat het leven nog steeds de moeite waard is om verder beleefd te worden.

 *******************************************************************************

Deze tekst is een aanvulling bij mijn boek 'Onze Erfenis van Moeder Aarde '. 

De volledige titel is: Karmische Psychologie Deel 4: Aarde en Schaduw - Boek I: Onze Erfenis van Moeder Aarde 
Dit boek is te koop in elke boekhandel en online-boekhandel, onder andere via deze link:

https://www.bol.com/be/nl/p/karmische-psychologie-4i-karmische-psychologie-4-aarde-en-schaduw-boek-1/9300000192243120/?cid=1764597888526-6411146889882&bltgh=db315f41-682e-4df5-a5f9-be09a2fd2820.ProductList_Middle.0.ProductTitle

Onze Erfenis van Moeder Aarde gaat over het spanningsveld tussen de het Wezenlijke in de mens en onze instinctieve drijfveren en reflexen. Wat het lichaam wil, als gevolg van miljoenen jaren evolutie, komt vaak in conflict met waar we vanuit onze mentale en spirituele ingesteldheid naar streven. De emoties die voortkomen uit onze instinctieve reflexen doen ons vaak denken, voelen en handelen op een manier die tegengesteld is aan waar we naar streven. Hoe kunnen we meer harmonie scheppen tussen deze innerlijke tegenpolen? En welke plaats neemt deze innerlijke zoektocht in, in ons groeiproces als mens op aarde?

Dit boek telt 466 pagina’s  ISBN-nummer: 978-90-77101-19-3